Top ↑ | Archive

Diep

Met dank aan Martijn Rutgers:

Aan het einde der tijden verzamelt de gehele mensheid zich voor de troon van God voor het laatste oordeel. Velen kijken angstig naar het heldere licht wat Gods troon omringt, maar er zijn ook groepen mensen die hardop met elkaar discussiëren en totaal niet onder de indruk lijken van de plek waar ze zijn. “Hoe kan God over ons oordelen? Wat begrijpt Hij nu van ons lijden?”, roept een oude Joodse vrouw. Ze houdt haar armen omhoog en laat de littekens zien van de martelingen in een Nazi concentratie kamp. Vol woede ontbloot een Afrikaanse jongen z’n nek om de verschrikkelijke tekenen van ophanging te laten zien. “Ik ben gelyncht alleen omdat ik zwart ben. Ze hebben ons laten stikken in slavenschepen. We werden gescheiden van onze geliefden, we moeten werken als beesten, tot de dood ons bevrijdde…”.  Overal wordt nu geschreeuw van verontwaardiging gehoord. Waarom liet God dit alles toe? Terwijl Hij het maar makkelijk had in de hemel, daar waar geen tranen, angst, honger of haat aanwezig is. Kan God zich eigenlijk wel voorstellen wat de mens moest doormaken hier op aarde?

Dan wandelen een paar leiders uit de menigte naar voren. Zij zijn degenen die het meeste geleden hebben van allemaal, en zij zullen spreken namens de rest van de mensheid. Samen lopen ze naar de troon toe, vragen God van z’n troon af te komen en beginnen een rechtszaak met God als beklaagde. God wordt de misdaad van de schepping van de aarde ten laste gelegd; een schepping waar zoveel kwaad en lijden aanwezig is. Hij wordt vrijwel onmiddellijk schuldig bevonden, en vervolgens spreekt een van de leiders het volgende oordeel uit: “Deze misdaad is zo ernstig dat we de meest zware straf moeten opleggen. Hierbij veroordelen we God tot het leven als mens hier op aarde.

Maar omdat God God is, zal Hij geen gebruik kunnen maken van z’n goddelijke eigenschappen. Hij zal in ergens in the middle of nowhere worden geboren, met een eenvoudig meisje als z’n moeder. Er zal z’n leven lang een schaamte rond z’n geboorte hangen wegens vermeend overspel. Hij zal als Jood moeten leven in een Joden-hatende wereld. Hij zal weten wat het betekend om te worstelen en te falen. Niemand om hem heen zal begrijpen wat Hij doet en op het einde van z’n leven zal alles wat hem lief is kappot gemaakt worden. Hij zal door z’n beste vrienden verraden en in de steek gelaten worden. En tenslotte zal hij, volkomen alleen, op de meest pijnlijke en vernederende manier geëxecuteerd worden”.

Terwijl elk onderdeel van het oordeel wordt uitgesproken, zwelt het geluid van onrustig gefluister en kreten van ontzetting aan, en tenslotte valt er een diepe stilte over de menigte. Zij die het aandurfden God te veroordelen buigen hun hoofd in schaamte. Overal vallen mensen op hun knieën en huilen ze. Want ze beseffen: Jezus ging door alles heen…